Kwaadspreken: de gevaren van achterklap en roddel

Woorden hebben macht. Ze kunnen opbouwen of afbreken, bemoedigen of kapotmaken.

Geschreven door Frank Myrland
Kwaadspreken: de gevaren van achterklap en roddel

We houden ervan om geruchten en geheimen te horen en verder te vertellen Hoe erger ze zijn, hoe leuker het is om ze verder te vertellen. We vergeten vaak tijd te nemen om na te gaan of het waar is of niet. We passen de gegevens aan of vullen ze in, hier en daar overdrijven we wat zodat we de juiste reactie krijgen. We worden verhalenvertellers van de ergste soort. We willen graag horen over geschillen en geven  onze mening. We voelen ons aangetrokken tot conflicten. We zien ze graag vechten.

“Zie, ook de schepen, ofschoon zij zo groot zijn en door sterke winden voortgedreven worden, worden door een zeer klein roer gestuurd, waarheen maar het believen van de stuurman wil. Zo is ook de tong een klein lid en voert toch een hoge toon. Zie, hoe weinig vuur een groot bos in brand steekt.” Jacobus 3:4-5.

Achterklap en roddel: een boodschap die zich verspreidt als de kanker

Veel mensen vinden achterklap en roddel niet zo erg. Heel gauw vinden we stelen, woede en jaloezie zonde, maar we zijn ons niet vaak bewust dat roddel en achterklap ook zonde is.

“Maar vermijd de onheilige, holle klanken; want zij zullen de goddeloosheid nog verder drijven, en hun woord zal voortwoekeren als de kanker.” 2 Timotheüs 2:16-17.

Roddelen kan zo gewoon zijn dat we het zelfs doen zonder na te denken. Een gewoon gesprek wordt een gelegenheid om over iemand te klagen of negatief over iemand te praten. Misschien hebben we een vooroordeel tegen iemand en willen we stiekem dat vooroordeel met hem delen, terwijl we inzichten door een gesprek vlechten om de anderen te laten instemmen: “Oh, ja, hij is echt zo” of “Het is absoluut verschrikkelijk hoe ze daar mee wegkomt.” Bij  roddelen moedigen we anderen aan om ook te roddelen.

Het resultaat van roddelen is verschrikkelijk: verdeeldheid, strijd, achterdocht. Satan heerst bij verdeeldheid. Hij houdt van elke gelegenheid die hij krijgt om broederschap en eenheid af te breken. Het is ongelooflijk wat roddels en achterklap kunnen afbreken.

“Een valsaard veroorzaakt twist, een lasteraar veroorzaakt scheiding tussen vrienden.” Spreuken 16:28.

De smaak van de roddel blijft hangen. Na verloop van tijd wordt een klein probleem een groot probleem dat een wig drijft tussen vrienden. Waar ooit een schone en zuivere bron was, daar is in geroerd zodat deze donker en troebel geworden is.

Groeien in de liefde

“Maar weest jegens elkander vriendelijk, barmhartig, elkander vergevend, zoals God in Christus u vergeving geschonken heeft.” Efeziërs 4:32. Eerst en vooral moeten we, om vrij te zijn van roddel en achterklap, groeien in de liefde. Bouwen onze woorden op of breken ze de banden van de liefde af? In Matteüs 12:34 staat: “Uit de overvloed des harten spreekt de mond.” Als onze mond snel kwaad spreekt over anderen, wat zegt dat over ons hart? Hoeveel liefde hebben we eigenlijk als we zo graag over anderen willen praten achter hun rug?

Wanneer we oprechte liefde voor anderen hebben, is het gewoon niet mogelijk om over hen kwaad te spreken. Alle grieven en elke aanklacht tegen hen verdwijnt. Over liefde is geschreven in 1 Corinthiërs 13: 4-7:  “De liefde is lankmoedig, de liefde is goedertieren, zij is niet afgunstig, de liefde praalt niet, zij is niet opgeblazen, zij kwetst niemands gevoel, zij zoekt zichzelf niet, zij wordt niet verbitterd, zij rekent het kwade niet toe. Zij is niet blijde over ongerechtigheid, maar zij is blijde met de waarheid. Alles bedekt zij, alles geloofd zij, alles hoopt zij, alles verdraagt zij.” Als dit het soort liefde is die we hebben voor degenen om ons heen, dan zou alleen al de gedachte om over hen te roddelen verschrikkelijk zijn!

We moeten God bidden om hulp, zodat we in de liefde  kunnen groeien en goedheid en vriendelijkheid jegens de anderen kunnen tonen. Als we denken dat iemand iets verkeerd doet, kunnen we voor die persoon bidden en God zal ons laten zien hoe we kunnen helpen. Misschien kunnen we naar de betreffende toegaan in een geest van liefde en hem om opheldering vragen, in plaats van met modder te gooien. Het is bijna onmogelijk om kwade gedachten te koesteren of om te roddelen over iemand waar we voor bidden. We moeten ons op het positieve concentreren en actief zijn in het bidden voor de anderen. Door deze liefde naar hen te laten uitgaan, kunnen we helpen vrede en rust te brengen.

Heb je een gerucht of verhaal gehoord over iemand anders? Laat het gewoon met je sterven! “Als er geen hout is, dooft het vuur; waar geen lasteraar is, komt de twist tot rust.” Spreuken 26:20. Als we alles wat we over anderen horen meteen als een feit aannemen, laat het zien hoe dichtbij ons de zonde van roddel en achterklap is. Alleen al het gehoorde in onze gedachten de ruimte te geven is de eerste stap op weg naar verdeeldheid en strijd. Leugens verspreiden zich als een lopend vuurtje.

Een besliste houding tegen achterklap en roddel

Wat behoren we te doen als anderen om ons heen beginnen te roddelen? Misschien zijn we uitgenodigd voor een gesprek waarbij mensen slecht over iemand anders praten. “Hé, heb je gehoord wat hij deed?”

Als we dit laten gebeuren, zijn we net zo schuldig als degenen die het ter sprake hebben gebracht. We kunnen niet deelnemen aan roddel en achterklap om ‘vriendelijk’ te zijn of ‘mee te gaan met de massa’. Zijn we bereid hiertegen te strijden? Willen we afrekenen met achterklap? We kunnen deze daden en gedachten niet laten leven als we weten dat ze moeten sterven.

Men verdedigt zichzelf vaak door te zeggen dat het waar is wat ze zeggen. Dat is geen excuus!“ Daarom zijt gij, o mens, wie gij ook zijt, niet te verontschuldigen, wanneer gij oordeelt. Want waarin gij een ander oordeelt, veroordeelt gij uzelf; want gij, die oordeelt, bedrijft dezelfde dingen.” Romeinen 2:1.

Zelfs als elk woord op zichzelf waar was, moeten we niet vergeten dat roddel slecht is! Als we luisteren naar achterklap en dit tolereren, zijn we mede schuldig. We moeten iemand die roddelt geen kans geven om ook maar een woord te zeggen!

Elkaar troosten en opbouwen

“Geen liederlijk woord kome uit uw mond, maar als gij een goed (woord) hebt, tot opbouw, waar dit nuttig is, opdat zij, die het horen, genade ontvangen.” Efeziërs 4:29.

Je kunt je mond gebruiken om goed te doen, anderen te zegenen en te bemoedigen, of voor slechte dingen, door kwaad te spreken en de ander te belasteren. “Uit dezelfde mond komt zegening en vervloeking voort.” Jacobus 3:10. Wanneer je de strijd tegen achterklap aangaat, kun je een voorbeeld voor anderen worden. Je kunt een geest uitstralen die zo sterk is tegen roddelen en morren dat mensen zullen weten dat het gewoon niet acceptabel is.

We moeten altijd op onze hoede zijn, zodat we iemand kunnen zijn die aan de eenheid bouwt met woorden, in plaats van iemand te zijn die afbreekt. “Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht en in hem is niets aanstotelijks.” 1 Johannes 2:10.

Misschien ben je ook geïnteresseerd in de onderstaande artikelen: