Heb je van Jezus geleerd om nederig van hart te zijn?

Het eerste waar Jezus naar verwijst als Hij ons uitnodigt om van Hem te leren, is de houding van zijn hart.

Geschreven door Paul Dokken
Heb je van Jezus geleerd om nederig van hart te zijn?

“Komt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven; neemt mijn juk op u en leert van Mij, want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart, en gij zult rust vinden voor uw zielen; want mijn juk is zacht en mijn last is licht.” Mattheüs 11:28-30

Nederig van hart – een houding van het hart

Het eerste waar Jezus naar verwijst als Hij ons uitnodigt om van Hem te leren, is de houding van zijn hart. want Ik ben zachtmoedig en nederig van hart

Onze werken komen voort uit onze innerlijke houding van hart en geest. We lezen bijvoorbeeld in Spreuken 4:23: “Behoed uw hart boven al wat te bewaren is, want daaruit zijn de oorsprongen des levens.” Met andere woorden, ons innerlijke leven beïnvloedt alles wat we zeggen en doen. Als de boom (onze innerlijke staat) goed is, draagt hij goede vrucht. Als het slecht is, draagt het slechte vrucht. ” Iedere boom, die geen goede vrucht voortbrengt, wordt uitgehouwen en in het vuur geworpen. ” Mattheüs 7:19.

Niets is zwaarder om te dragen dan een slechte houding, een slechte instelling. Veel mensen raken in een slechte houding gevangen vanwege hun koppigheid. Ze weigeren eenvoudig zichzelf te vernederen. Wanneer mensen het oneens zijn over dingen (misschien over hoe ze met hun kinderen moeten omgaan, of hoe ze de financiën moeten beheren, of zelfs welke kleur ze het huis moeten schilderen), zijn ze niet nederig genoeg om naar elkaar te luisteren. Wanneer je niet leert om samen te werken in een geest van nederigheid en zachtmoedigheid, krijgen eisen van het vlees de overhand; je hart wordt verhard en je liefde wordt koud. Wanneer je  geloof en een goed geweten verwerpt, lijd je schipbreuk in je geloof. Dit is het lot van hen die niet nederig van hart zijn; degenen die vasthouden aan een trotse houding.

Aan de andere kant  is niets gemakkelijker te dragen dan een goede houding. We lezen dat God van een blijmoedige gever houdt. Wanneer iemand een goede instelling heeft, is hij in het licht en in hem is niets dat anderen doet struikelen. “Wie zijn broeder liefheeft, blijft in het licht en er is in hem niets dat anderen doet struikelen.” 1 Johannes 2:10.

God geeft genade aan wie nederig is

God getuigde dat David een man naar mijn hart is, die al mijn bevelen zal volbrengen”. Handelingen 13:22.

Davids goede houding van hart bracht hem in de toestand waarin hij kon zeggen: “De Heer is mijn Herder, mij ontbreekt niets.” Psalm 23: 1. De eisen van zijn ziel waren tot zwijgen gebracht; hij was net als een gespeend kind bij zijn moeder. Hij bleef nederig van hart in de beproevingen die hij onderging; daarom was hij in staat om Gods hand in zijn omstandigheden te zien. (2 Samuël 16)

God geeft aan iedereen volgens zijn werken. Hij geeft genade aan de nederigen, maar Hij weerstaat de hoogmoedigen. Dit zijn eenvoudige begrippen om te begrijpen, maar de vraag is of we ze hebben geleerd of niet. Wat we doen is van levensbelang; want ons lot in het leven en onze plaats in de eeuwigheid worden bepaald door de kwaliteit van onze werken. (Mattheüs 25:23; Openbaring 19: 8) Het verschil tussen de vijf wijze en vijf dwaze maagden was hun innerlijke houding. Uiterlijk waren ze hetzelfde, maar innerlijk waren ze enorm verschillend. “Want de dwaze namen haar lampen mede, maar geen olie; doch de wijze namen olie in haar kruiken, met haar lampen.” Mattheüs 25: 3-4.

Onze werken worden onthuld op de dag waarop ze worden getest. (1 Korinthiërs 3:13) Er is geen plaats waar onze werken (onze houding) meer openbaar worden dan wanneer we samen zijn met degenen die het dichtst bij ons staan. Hier heeft God ons een meest gezegende plaats gegeven om olie voor onze kruiken te verzamelen, als we nederig zijn, als we nederig van hart zijn. We ervaren veel situaties die bedoeld zijn om voor ons ten goede mee te werken, zodat we Gods doel met ons leven kunnen vervullen: gelijkvormig zijn aan het beeld van Zijn Zoon en ware broederschap ervaren. (Romeinen 8: 28-29)

Want zijn maaksel zijn wij, in Christus Jezus geschapen om goede werken te doen, die God tevoren bereid heeft, opdat wij daarin zouden wandelen.” Efeziërs 2:10. Wanneer we hebben geleerd hoe we onszelf moeten reinigen in gehoorzaamheid aan de waarheid, komen we tot rust en zijn we in staat om deze goede werken te doen. Laten wij er dus ernst mede maken om tot die rust in te gaan, opdat niemand ten val kome door dit voorbeeld van ongehoorzaamheid te volgen.” Hebreeën 4: 9-11.

Misschien ben je ook geïnteresseerd in de onderstaande artikelen: