Ga naar de inhoud

Gebed: een krachtig geheim wapen

Satan weet hoe krachtig gebed is. Door trouw in gebed kunnen we zijn verderfelijke plannen verpulveren.

Bidden is een macht. Het brengt eeuwige krachten in beweging; het zet God aan tot handelen. Het is de innerlijke dienst voor het aangezicht van God. Deze innerlijke dienst wordt door Satan het meest gevreesd, want bidden is een macht, een intense geestelijke arbeid met groot zichtbaar resultaat.

De hoogste vorm van gebed is innerlijk geestelijk samenwerken met onze grote Hogepriester, bewust en met visie, om Gods plan met zijn gemeente te volvoeren. Gebed vereist dat lichaam, ziel en geest onderworpen zijn aan de kracht van de Geest. Het vereist stilheid, want alleen door het luisteren naar zijn stem kan onze geest doordrongen worden van het gebed dat Hijzelf ook bidt.

Satan’s pogingen om je van bidden te weerhouden

Voor Satan is het van levensbelang, dat je niet bidt. Bidden tast zijn macht aan, brengt zijn plannen in de war, verwoest zijn rijk. Hij vervult je lichaam, ziel en geest met onrust. Je lichaam is moe, je gedachten zijn gejaagd, je geest is gedrukt. Het is allemaal werk van Satan om te voorkomen dat je zult bidden.

Als je knielt om te bidden, hebt je wel gemerkt dat je lichaam niet in een knielende houding wil zijn. Heel je lichaam is één rusteloos protest. Je schuifelt een tijdje heen en weer en staat maar weer op. Satan heeft het gewonnen, via je lichaam. Je lichaam moet een heilig, God welgevallig offer zijn. Het lichaam moet in bedwang gehouden worden, het moet onder controle van de Geest zijn. Het mag niet regeren, het moet geregeerd worden.

Satan brengt je zieleleven in een toestand dat je niet kunt bidden. Je hele gevoelsleven brengt hij in deining, en dan zegt hij tegen je dat je “niet in de stemming” bent om te bidden en dat “je gevoel niet mee is”. Ofwel hij blaast je gevoelsleven op tot een oppervlakkige nietszeggende blijdschap, ofwel hij drukt het naar beneden in moedeloosheid, zodat je geen zin meer hebt. Hij jaagt je gedachten op tot uitwendige activiteit, of hij zegt dat je het nu maar eens kalm aan moet doen. Hij legt een druk op je geest, zodat het denken je zwaar valt, of laat je gedachten maar ronddwalen. Vooral als je wilt bidden, krijgen je gedachten het druk en dan fluistert Satan: “Wacht maar tot het beter uitkomt.”

Zo ontrooft Satan Gods kinderen hun meest vruchtbare arbeid. Hier krijgen we iets te zien van een van de takken van Satans arbeid. “Zijn gedachten zijn ons niet onbekend,” zegt Paulus. (2 Korinthiërs 2:11)

Als je hebt overwonnen en de wonderbare verbinding met God hebt gekregen, let dan eens op hoe listig Satan is. Zodra je de zegen van Gods nabijheid geproefd hebt, fluistert hij: “Nu is het genoeg.” Je staat op, dankt God voor wat je gekregen hebt; maar Satan heeft je misleid. God had je aan het bidden willen hebben. God heeft niet zoveel haast als wij mensen. Je had niet alleen maar een fijn gevoel in je hart moeten afbidden, maar een volheid van zegen, om nooit met lege handen bij iemand aan te komen, maar met een overvloed aan geestelijke zegen. Wij leven niet om alleen iets voor onszelf te krijgen. Wij zijn verschuldigd stromen van zegen te brengen aan anderen.

Gebed is een geestelijke strijd

Als je nu door je gebed zegeningen in je eigen ziel hebt gekregen, zegt Satan: “Nu is het genoeg, nu ben je gezegend.” Luister niet naar hem! Nu je hebt gezien dat je zegen voor jezelf hebt kunnen afbidden, moet je weten dat je dat ook kunt voor anderen. Hier ligt de innerlijke dienst. Laten het niet alleen gebeden zijn voor je naaste familieleden en voor nog een enkeling van wie je hebt gehoord dat die het moeilijk heeft. Maak de plaats voor je tent wijd. Bid om stromen van zegen over dorre harten, over dorre streken. Stort door gebed een volheid van genade uit over de gemeente en over allen die God heeft aangesteld om de heiligen te dienen. Hun zegen zal een vrucht van jouw werk voor Gods aangezicht zijn. In hun werk is vooruitgang te merken, hun innerlijk leven ontwikkelt zich, God reinigt hen.

In stilheid voor Gods aangezicht kun je, zonder dat iemand het weet, Gods volk verrijken met hemelse schatten. Geen dienst is zo vruchtbaar, daarom is niemand door Satan zo gehaat als wie kan bidden. Zo iemand staat dan ook midden in de strijdWanneer het gaat over vechten en strijd in een christenleven, dan verwijst dit bijna altijd naar een innerlijke strijd die ontstaat wanneer zondige gedachten je verzoeken tot het kwade. Gods Geest en het vlees staan tegenover elkaar. Als je hebt besloten om alleen Gods wil te doen en je te laten leiden door de Geest, dan ontstaat een conflict tussen... More. Er is oorlogWanneer het gaat over vechten en strijd in een christenleven, dan verwijst dit bijna altijd naar een innerlijke strijd die ontstaat wanneer zondige gedachten je verzoeken tot het kwade. Gods Geest en het vlees staan tegenover elkaar. Als je hebt besloten om alleen Gods wil te doen en je te laten leiden door de Geest, dan ontstaat een conflict tussen... More in de geesteswereld. Het is de plicht van ieder die Jezus volgt, om in de gelederen aan te treden.

Rusten in God is niet hetzelfde als geestelijke luiheid. Passieve rust is de brug naar ledigheid. Neem deel aan de arbeid opdat Jezus’ bruid, de gemeente, rein voor zijn aangezicht kan worden gesteld! Het is een voorrecht om daarbij betrokken te zijn. Ga in de binnenkamer van het hart, leid daar met God een arbeidzaams gebedsleven. Als je volledig wilt overwinnen, moet je daar nooit meer vandaan gaan.

Dit artikel is eerder gepubliceerd in Noorwegen in het blad “Skjulte Skatter” (“Verborgen Schatten”) in 1912 onder de titel “Bidden is werken”.
© Copyright Stiftelsen Skjulte Skatters Forlag

Essentie

Ontdek hoe Gods Woord ons uitdaagt en ons in staat stelt om 100% naar Zijn wil te leven, zodat we niet meer in zonde hoeven te vallen, maar tot een leven in overwinning kunnen komen.

Download gratis e-book

Ik ben met Christus gekruisigd

Dit boekje is gebaseerd op wat Paulus schrijft in Galaten 2:20: “Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, (dat is), niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij.” Elias Aslaksen legt uit wat dit betekent en hoe de lezer tot hetzelfde getuigenis over zijn eigen leven kan komen.

Volg ons